Vervolgverhaal: Franse Anjers (13)

Exclusief op Frankrijk.blog.nl: vervolgverhalen uit de prachtige bundel Van Bouillabaisse tot Bruni van de Nederlandse schrijver Andy Arnts. Vandaag: deel dertien van Franse Anjers. (Lees deel één, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, acht, negen, tien, elf en twaalf).

Het was meteen gedaan met de stoute praatjes. ‘Wat een enge vent was dat,’ zei een geschrokken oma in ruitjespantalon, ‘net de dood van Pierlala.’
‘Mevrouw,’ sprak ik op gewichtige toon, ‘u hebt zojuist een heel bijzonder moment ervaren. U hebt de achterkleinzoon van Valentin le Désossé gezien. We treffen het vandaag wel.’
‘O die,’ antwoordde ze. En even later, nadenkend: ‘Wie is dat?’

Ik begon te orakelen over de zonderlinge man in het antieke maatkostuum. Dat hij volkomen geobsedeerd was door de levenswandel van zijn voorvader, zich in exact hetzelfde kostuum kleedde dat speciaal door een hoogbejaarde kleermaker werd gesneden en dat hij iedere dag één witte roos legde op het graf van Jane Avril, de geheime, onbeantwoorde liefde van zijn overgrootvader. ‘Behalve op haar verjaardag en op Allerheiligen, dan krijgt ze er twee.’

Uit mijn tas pakte ik een boekje van Lautrec dat ik altijd bij mij had en zocht de bewuste afbeelding van Le Désossé op. ‘Kijk, dat is ’m,’ zei ik.
‘Hij lijkt sprekend,’ merkte de ruitjespantalon op.
‘We kunnen, als jullie dat willen, via Jane Avril teruglopen,’ stelde ik voor. ‘Het ligt wat verstopt, maar ik weet het te vinden. Zullen we eens een voorzichtig kijkje gaan nemen?’ Nu, dat wilden de dames wel. Als opgewonden ganzen kwamen ze achter mij aan. Langs de gedenkstenen van Maria Callas, Simone Signoret, Kardec en Sarah Bernard en daarna via oude kronkelpaadjes richting Jane Avril. Eén van de vrouwen kon haar nieuwsgierigheid niet langer beheersen, porde me in de zij en vroeg: ‘Zeg, zijn we er al bijna?’

‘Iets verderop,’ wees ik, ‘bij die ronde zuil daar. Er staat een ijzeren hekje omheen.’
Daar ging ze heen. Toen ze de plek had bereikt, riep ze met een triomfantelijke krijsstem: ‘Joehoe, hij ligt er, hoor!’ De rest haastte zich nu ook om de roos te zien. ‘Moet je nou zien,’ zei een uitgedroogde tante op hoge hakken, ‘zijn hoed ligt er ook.’ Terwijl ze dat zei viel mijn oog op iets anders. Een forse rode vlek op de grond, niet ver van de plek waar de hoed lag. Was dat bloed? Langzaam schuifelde ik naar de vlek toe. Nou en of. Vers bloed. Wat was hier gebeurd? Had Gustav een ongeluk gehad? Ik wilde weg, weten wat er aan de hand was, maar zat voorlopig nog met dat vrouwengilde in mijn maag.

‘Kom, we moeten verder,’ sprak ik zo kalm mogelijk, terwijl ik mij zo opstelde dat de bloedvlek uit het zicht bleef. De ruitjespantalon raapte de hoed op en zette die gekscherend op mijn hoofd. Zo kuierden we terug naar de uitgang en tegen vijf uur leverde ik de meisjes weer af bij de buschauffeur.

Wil je weten hoe dit verhaal verder gaat? Lees aanstaande vrijdag 20 mei het veertiende (en laatste) deel op Frankrijk.blog.nl!

Andy Arnts is reisverslaggever voor diverse Frankrijk magazines. Zijn nieuwe boek ‘Van Bouillabaisse tot Bruni’ bevat een bonte reeks verhalen, die vaak met een knipoog worden verteld – de Bruni uit de titel is niet wie we denken – en waarin hij de lezer steeds opnieuw weet te boeien met zijn humor en scherpe observaties.

Lees ook:Vervolgverhaal: Franse Anjers (14)
Lees ook:Vervolgverhaal: Franse Anjers (12)
Lees ook:Vervolgverhaal: Franse Anjers (4)
Lees ook:Vervolgverhaal: Franse Anjers (11)
Lees ook:Vervolgverhaal: Franse Anjers (8)

Geen reacties // Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>